Bron : |

Halverwege de zomer van 2001 zit de werkavond van barman Gert Van Roy (30) uit Hemiksem erop. Snel nog even afsluiten en dan naar huis, naar zijn vrouw en 7 maanden jonge dochtertje. Maar een stel twintigers beslist daar anders over: vijf dagen later wordt het zwaar toegetakelde lichaam van de jonge vader teruggevonden. En zo mogelijk nog ontstellender dan de feiten zelf, is de onverschilligheid waarmee de jonge daders op hun assisenproces verschijnen.

Dolgelukkig was hij, Gert Van Roy (30) uit Hemiksem. De barman van de Lilse Golfclub was pas voor het eerst papa geworden en iedereen die bij hem aan de toog zat, kreeg een foto van Liesje onder de neus geduwd. Zo trots was hij op zijn dochtertje. En er werden zelfs al plannen gesmeed voor een tweede kindje.

Maar aan dat prille gezinsgeluk komt brutaal een einde in de nacht van 18 op 19 juli 2001. Omstreeks 1.30 uur wuift Gert, die dan vijf jaar barman is in de golfclub, de laatste klanten uit. Hij ruimt nog wat op en regelt de kassa. Om 1.58 uur zet hij het alarm aan en vertrekt hij naar de parking.

Rijke stinkerd Maar nog voor Gert zijn wagen kan bereiken, wordt hij overmeesterd door Igor Veys uit Turnhout en Jan Somers uit Beerse, op dat moment respectievelijk 26 en 22 jaar. Zij gooien de barman in de kofferbak van zijn eigen auto. “Eindelijk hebben we iemand kunnen pakken”, moeten Veys en Somers gedacht hebben. Want dat waren ze al enkele dagen aan het proberen — ook de avond voordien waren ze al naar de golfclub afgezakt. “We zochten een rijke stinkerd”, zal Veys later verklaren.

Nadat ze de avond voordien nog opgeschrikt werden door een toevallig langsrijdende politiepatrouille, keert het duo die 18de juli te voet en al liftend terug naar de golfclub. Vastberaden om niet opnieuw van een kale reis terug te komen. “Deze keer moeten we zeker iemand overvallen, want ik wil niet te voet terug naar huis”, zegt Somers nog tegen Veys, terwijl ze op de loer liggen.

Pistool Nadat ze Gert Van Roy overmeesterd hebben, gaat het snel. Amper 12 minuten nadat het alarmsysteem van de golfclub ingeschakeld werd, halen Veys en Somers in Vosselaar 500 euro af met de bankkaart van hun slachtoffer. De code hebben ze uit hem gekregen door hem een pistool tegen het hoofd te duwen. “Jongens, laat me nu alsjeblieft gaan. Ik heb thuis een vrouw en een dochtertje van 7 maanden”, smeekt Gert.

Maar het duo is niet klaar met hun slachtoffer — ze hebben in de portefeuille van Gert ook een VISA-kaart gevonden. Ze rijden naar Turnhout om hun kameraad Kevin Willems, die dan 20 jaar is, op te pikken. Die avond was hij nog thuis gebleven omdat het al enkele dagen niet gelukt was om iemand te overvallen. Maar nu er een buit is, sluit hij zich al snel weer aan bij Veys en Somers.

De nu drie overvallers rijden met Gert naar het Antitankkanaal in Brasschaat. Veys kent die plek en weet dat ze er ongestoord de code van de VISA-kaart uit Gert kunnen kloppen. Met zijn handen vastgebonden op de rug wordt de barman op een bosweggetje uit de auto gesleurd door Veys en Somers, terwijl Willemse in de auto blijft zitten. Het duo gaat hevig tekeer en Gert krijgt meerdere zware trappen tegen het hoofd. Door de shock kan hij zich de code van de VISA-kaart niet meer herinneren. “Vergeet niet dat we uw ‘paske’ gevonden hebben”, roepen Veys en Somers om hem onder druk te zetten. “Als het met u gedaan is, gaan we ons eens goed amuseren met uw vrouwke en uw dochtertje.”

Even later heeft Igor Veys er genoeg van, en probeert hij Gert Van Roy te wurgen. “Hij heeft verdomme ne stierennek”, vloekt hij wanneer dat niet lukt. Voor Gert is het de laatste kans om te ontsnappen en met zijn handen nog steeds op zijn rug gebonden, zet hij het op een lopen. Maar Veys en Somers halen hem in en gooien hem in het ondiepe water van het kanaal. De laatste seconden van Gert zijn geteld. “Schiet! Schiet! Schiet!”, jut Veys zijn vriend op. Somers twijfelt niet, integendeel. “Ooit een seriemoordenaar te zijn, daar droom ik van”, stond op de muur van zijn slaapkamer geschreven toen hij 12 jaar was.

Enkele uren nadat de pure horror voor Gert Van Roy begonnen is, jaagt Somers hem een kogel door het hart. “Terwijl ik de hele tijd voorovergebogen zat in de auto, hoorde ik het slachtoffer kermen”, zal Kevin Willemse later verklaren. “Het leek wel alsof Jan en Igor een varken aan het kelen waren.” Ook Veys zelf zal, op het assisenproces, erkennen dat het er gruwelijk aan toeging. “Toen Gert zich de code van zijn VISA-kaart niet meer herinnerde, is hij in tranen uitgebarsten. Ik denk zelfs dat hij het uit schrik in zijn broek deed. Ja, hij kreeg het inderdaad hard te verduren.”

Het lichaam van Gert wordt pas vijf dagen na de gruwel gevonden, door een paardrijdster. De familie van de barman heeft dan al weinig hoop op een goede afloop — zijn vrouw Annick beseft de ochtend na de gruwelijke feiten al dat er iets aan de hand is wanneer blijkt dat Gert niet thuis is gekomen. Zijn bankkaart blijkt in de dagen na zijn verdwijning meermaals gebruikt te zijn in het Antwerpse, maar de winkeliers hebben Gert nooit gezien — enkel drie obscure twintigers. Ze zullen uiteindelijk 3.700 euro uitgeven: een deel aan hotelovernachtingen, een deel aan luxeproducten zoals een Playstation en een gouden halsketting, en een deel aan ordinaire spullen zoals boxershorts en kousen.

Alsof dat nog niet genoeg sporen zijn, worden de speurders nog een extra handje geholpen door Kevin Willemse. Die heeft er niets beter op gevonden dan de gsm van Gert cadeau te doen aan zijn moeder. Onder meer ook door foto’s van enkele gekende Kempense criminelen voor te leggen aan winkeliers waar de bankkaart gebruikt was, kan de identiteit van het trio al snel achterhaald worden.

Eind juli 2001 worden Veys, Somers en Willemse in de boeien geslagen. “Gelukkig kregen we Somers zo snel te pakken, anders waren er zeker nog meer dodelijke slachtoffers gevallen”, laten speurders zich ontvallen tegenover de nabestaanden van Gert. En toch zal Igor Veys ook hierna nog even van zijn vrijheid kunnen genieten, wanneer hij in mei 2002 met de hulp van een cipier weet te ontsnappen uit de gevangenis. Elf dagen later wordt de roofmoordenaar weer opgepakt.

In oktober 2003 start het assisenproces in Antwerpen, waar de drie moordenaars uitblinken in onverschilligheid. “Dat is mijn probleem niet”, antwoordt Veys op de vraag of hij ooit stil heeft gestaan bij de gevoelens van de nabestaanden. “Waarom we dit gedaan hebben? Voor de kick. En natuurlijk ook voor het geld”, klinkt het uit de mond van Somers. Een houding die binnenkomt bij weduwe Annick Bogaert. “Ik heb me tijdens het proces vooral gestoord aan het feit dat ze geen greintje emotie getoond hebben. Ik weet niet of ik me beter gevoeld zou hebben mocht dat wel het geval geweest zijn, maar dit deed echt pijn.”

Zowel Veys, Somers als Willemse worden door de volksjury veroordeeld tot een levenslange gevangenisstraf. Voor Veys komt daar in mei 2018 nog eens 38 maanden bij omdat hij in de gevangenis in Brugge op grote schaal drugs bleek te dealen. Drugs die zijn vriendin binnensmokkelde tijdens het ongestoord bezoek.

Na 11 jaar komt Kevin Willemse vervroegd vrij. Somers en Veys zitten nog achter tralies, ondanks een recente poging van die laatste om vervroegd vrij te kunnen komen. Een verzoek waar de nabestaanden van Gert Van Roy verbolgen op reageerden. “De vrijlating van Willemse hebben we min of meer aanvaard”, aldus broer Leo Van Roy twee jaar geleden. “Hij was een meeloper die niet actief betrokken was bij de ontvoering en mishandeling van Gert. Maar Veys is een onverbeterlijke beroepscrimineel en een psychopaat. Net als Somers heeft hij geen enkele empathie. Hij is een ernstig gevaar voor de maatschappij en zou nooit meer mogen vrijkomen.”

Dit artikel werd gereproduceerd met toestemming van de uitgever, alle rechten voorbehouden. Elke reproductie dient het voorwerp uit te maken van een specifieke toestemming van de beheersvennootschap License2Publish: info@license2public.

0800 63 057 - noodnummer